Woordenlijst

De woorden uit de antistollingsbegeleiding met INR-controle, helder gedefinieerd.

Dit zijn definities van vakwoorden, geen klinisch advies. Op deze pagina staat geen streefgebied, geen doseringsplafond en geen enkele grenswaarde: die horen bij het protocol dat uw dienst heeft vastgelegd en bij de voorschrijver die ze heeft bepaald.

Aandeel controles in streefgebied
De eenvoudiger manier: tel de uitslagen die binnen het streefgebied vielen en deel door het aantal controles. Dat beantwoordt een andere vraag dan Rosendaal — hoeveel controles, niet hoeveel dagen — en de twee kunnen bij dezelfde patiënt flink uiteenlopen.
Antistollingsbehandeling
De langdurige behandeling met een oraal antistollingsmiddel, samen met de controle en de doseringsaanpassingen die daarbij horen. In deze context gaat het altijd om een vitamine K-antagonist, want dat is de klasse waarvoor INR-controle bestaat.
Audittrail
De vastlegging van wie wat heeft ingevoerd of gewijzigd, en wanneer. Bij antistollingsbegeleiding is dat wat een maanden geleden gegeven dosering herleidbaar maakt tot de uitslag en het protocol waaruit ze volgde.
Controle-interval
De tijd tussen de ene INR-controle en de volgende voor een bepaalde patiënt, vastgelegd in het protocol van de voorschrijver. Dat vastleggen maakt van een reeks bezoeken een begeleiding waarvan aantoonbaar is dat ze heeft plaatsgevonden.
Doseerkalender
Het dag-voor-dag schema met tabletten dat de patiënt tot de volgende controle aanhoudt, meestal geprint bij het bezoek. Het is het document waaraan een latere vraag wordt getoetst.
INR
De international normalized ratio: een gestandaardiseerde manier om weer te geven hoe lang een bloedmonster erover doet om te stollen. Door die standaardisatie betekent een uitslag van het ene laboratorium hetzelfde als die van het andere, welk reagens ze ook gebruiken.
INR met vingerprikmeter
Een INR gemeten met een handmeter uit een vingerprik, in plaats van na een veneuze afname naar het laboratorium gestuurd. De uitslag komt tijdens het bezoek, waardoor de dosering en de volgende controle nog kunnen worden vastgesteld terwijl de patiënt er is.
Internationale sensitiviteitsindex (ISI)
De waarde die de fabrikant aan een charge reagens toekent om die tegen de internationale referentie te plaatsen. Het is wat een protrombinetijd omzet in een INR, en de reden dat twee laboratoria vergelijkbare uitslagen kunnen geven.
Lineaire interpolatie volgens Rosendaal
Een manier om de tijd in streefgebied te berekenen die aanneemt dat de INR tussen twee controles gelijkmatig is veranderd, en elke tussenliggende dag daarnaar toerekent. Het antwoordt op de vraag hoeveel van de tijd de patiënt in het streefgebied zat, en daarom gebruiken de meeste gepubliceerde reeksen deze methode.
Protrombinetijd (PT)
De ruwe stollingstijd die het laboratorium meet. Op zichzelf verschuift die met het gebruikte reagens; daarom worden uitslagen als INR gerapporteerd en niet in seconden.
Streefgebied
De band met INR-waarden die de voorschrijver voor een individuele patiënt vaststelt, op grond van de reden waarom die patiënt ontstold is. Het is een klinisch besluit dat in het dossier staat: software volgt het, software kiest het niet.
Tijd in streefgebied (TTR)
Het deel van een controleperiode waarin de INR van de patiënt binnen het streefgebied lag, uitgedrukt in procenten. Het is de gebruikelijke manier om de stabiliteit van de instelling over maanden samen te vatten, in plaats van bij één bezoek.
Trombosedienst
De trombosedienst, huisartsenpraktijk of ziekenhuisequipe die de begeleiding uitvoert: de INR verkrijgen, het protocol van de voorschrijver toepassen, de volgende dosering en de volgende controle vaststellen, en het dossier bijhouden. In Nederland is dit doorgaans de trombosedienst; elders ligt het bij de huisarts of de apotheker.
Vitamine K-antagonist (VKA)
De klasse orale antistollingsmiddelen waarvoor deze begeleiding bestaat, die werkt door de van vitamine K afhankelijke stollingsfactoren te blokkeren. In Nederland zijn acenocoumarol en fenprocoumon de gebruikte middelen. Hun effect verschuift met voeding, ziekte en andere geneesmiddelen: precies daarom wordt met de INR gecontroleerd.
Weekdosering
De totale hoeveelheid die de patiënt over een volle week inneemt. Vitamine K-antagonisten worden meestal op dat totaal bijgesteld en niet tablet voor tablet, omdat hun effect zich over dagen opbouwt.
Zelfmeting
De patiënt meet thuis zelf de INR met een handmeter en geeft de uitslag door aan wie de dosering beheert. Te onderscheiden van zelfmanagement, waarbij de patiënt ook de eigen dosering aanpast volgens een afgesproken protocol.

De software achter deze woorden

Retroact legt INR-uitslagen vast, drukt de doseerkalender af en houdt de begeleiding bij — volgens het protocol dat uw dienst al heeft vastgelegd.